Union professionnelle de Dermatologie

Dermanet.be
Panniculitis .:. Dermatologie de A à Z

Panniculitis

Wat is panniculitis?
Panniculitis is een ontstekingsziekte van het onderhuidse vetweefsel. De onderliggende oorzaken hiervan kunnen variëren, maar de huidletsels zien er bij de meeste vormen van panniculitis gelijkaardig uit. Het voorkomen van panniculitis hangt af van de onderliggende oorzaak: er bestaan zeer zeldzame vormen van panniculitis, terwijl andere vormen vrij vaak voorkomen. Ook de leeftijd van optreden van de eerste symptomen varieert naargelang de oorzaak.

Wat zijn de oorzaken van panniculitis?
De meest frequent voorkomende vorm van panniculitis is erythema nodosum. Hierbij zijn meerdere uitlokkende factoren beschreven: infecties (bovenste luchtwegen), sarcoïdose, inflammatoire darmziekten, medicatie, ...
Een panniculitis kan ook voorkomen samen met pancreasaandoeningen, infecties zoals tuberculose (erythema induratum van Bazin) of auto-immuunziekten zoals lupus, sclerodermie en dermatomyositis. Een ontsteking van het onderhuidse vetweefsel kan bovendien ook uitgelokt worden door trauma. Er is tevens een vorm beschreven na intense koudeblootstelling, meestal in combinatie met het dragen van strakke kledij (equistrian panniculitis). Alfa 1-antitrypsine deficiëntie is een goed gekende maar zeldzame genetische oorzaak van panniculitis. Zeer zeldzaam komt een panniculitis ook voor bij een kwaadaardige huidaandoening (lymfoom).
Panniculitis wordt gekenmerkt door vast aanvoelende rode onderhuidse nodules (knobbels). Afhankelijk van de onderliggende oorzaak kan er ook vochtlekkage of wondvorming optreden (pancreatische, alfa 1-antitrypsine deficiëntie, Bazin, infectieuze..). De letsels kunnen overal op het lichaam voorkomen, dit varieert naargelang de oorzaak.

Wat zijn de symptomen?
Afhankelijk van de onderliggende oorzaak kunnen algemene klachten voorkomen samen met de panniculitis (oa. bij erythema nodosum: gewrichtspijn, koorts, algemeen ziektegevoel, hoofdpijn, braken, diaree, buikpijn, hoest..; bij alfa 1-antitrypsine deficiëntie: koorts, longembolen; bij pancreatische panniculitis: koorts, buikpijn, gewrichtsontstekingen, longvliesontsteking etc)

Hoe wordt de diagnose gesteld?
Panniculitis is een diagnostische uitdaging voor zowel de dermatoloog als de anatomopatholoog!
De letsels zijn klinisch immers erg gelijkend en kunnen de uiting zijn van verschillende onderliggende ziekteprocessen. Erythema nodosum is hiervan het klassieke voorbeeld.
Het histologisch beeld (microscopisch onderzoek) is vaak moeilijk te interpreteren want het onderhuids vet reageert op een beperkt aantal manieren bij verschillende ziekten. Bovendien is het histologisch beeld dynamisch.  Biopsies worden vaak pas in het late stadium van de letsels genomen en zijn dan niet-specifiek. Voor een correcte histologische diagnose is het absoluut noodzakelijk dat de biopsie een groot deel onderhuids vet bevat. Daarom zal uw dermatoloog meestal een iets grotere en diepere biopsie moeten nemen.

Welke is de behandeling van panniculitis?
De behandeling kan moeilijk zijn. Er zijn 2 doelstellingen: behandeling van de panniculitis zelf en behandeling van de onderliggende aandoening.
Er zijn 4 pijlers van de behandeling:

  1. Aanpakken van de mogelijke oorzakelijke medicatie/infectie/aandoening
  2. Conservatieve maatregelen: bedrust en hoogstand benen.
    Deze twee pijlers zijn vaak voldoende en zullen leiden tot spontaan verdwijnen van de letsels binnen enkele weken.
  3. Plaatselijke therapie met medicijnen (cortisone) in de vorm van een crème, zalf of lotion, die op de letsels worden aangebracht. Meestal worden zalven gebruikt omdat deze dieper in de huid dringen. Corticosteroïden zijn geneesmiddelen die zijn afgeleid van bijnierschorshormonen, die ieder mens zelf aanmaakt. Sommigen werken zeer sterk, andere veel zwakker. Vooral de sterkere preparaten zijn effectief en werken snel.
  4. Medicatie: NSAID’s (Kalium iodide) verlichten de symptomen.
    Afhankelijk van de onderliggende oorzaak kunnen bijkomende geneesmiddelen aangewend worden: Colchicine (vnl bij Behçet); Prednisone zelden; Dapsone; Hydroxychloroquine; Mycophenolate mofetil; Infliximab (vnl bij IBD); Thalidomide (vnl bij IBD); Ciclosporine (vnl bij Behçet)
Datum van publicatie: 18-11-2012